Blog van Diederik van Leeuwen op RIConline mrt 2025
Overheden krijgen steeds vaker te maken met complexe en onzekere vraagstukken. Dit wordt treffend samengevat door het Engelse acroniem VUCA: Volatiel, Onzeker (Uncertain), Complex en Ambigu. Deze complexiteit manifesteert zich niet alleen op mondiaal niveau, maar heeft ook nationale en lokale impact op industrie, dienstverlening en overheidstaken. Traditionele benaderingen schieten tekort in het omgaan met deze dynamische realiteit.
Het Rathenau Instituut adviseerde daarom al in 2020 het kabinet om over te gaan op missie georiënteerde innovatie. Digitalisering en innovatie kunnen namelijk een cruciale rol spelen in het aanpakken van complexe, maatschappelijk vraagstukken. Recent werd de Nederlandse Digitaliseringsstrategie (NDS) gepubliceerd en besproken in de Tweede Kamer. Ook dit plan bouwt voort op eerdere inzichten en adviezen. Het daarop volgende debat bevestigt dat we nu echt serieus werk moeten maken van digitalisering als cruciaal onderdeel van innoveren. Internationaal wordt al gesteld dat innoveren gelijk staat aan AI en dat je zonder van AI niet aan het innoveren bent. Met de miljarden die daar momenteel in omgaan is het tempo van verandering ongekend hoog en zelfs voor experts niet meer bij te houden.
Dit staat haaks op de huidige praktijk waarin de (geo)politiek een steeds grotere onvoorspelbare factor is waar we op moeten reageren. Innovatieve uitdagingen op macroniveau vereisen een brede visie en een aanpak die zich over meerdere beleidsperiodes kan uitstrekken. Dit geldt vooral wanneer het gaat om departement-overstijgende vraagstukken of grootschalige transities waarin disruptieve innovaties noodzakelijk zijn. Innovatie wordt vaak nog steeds gezien als een technologisch of creatief proces, maar in de praktijk is het voor de ambtelijke innovator vooral een bestuurlijke en organisatorische uitdaging. Technologie en creativiteit zijn hierbij middelen en geen doelen op zich. Ze moeten strategisch worden ingezet om lange termijn doelstellingen te realiseren.
No time to waste
De nieuwe werkelijkheid vraagt om een overheid die niet alleen technologie reguleert, maar deze ook actief benut om haar taken en ambities te vervullen. Er is daarbij dus weinig ruimte voor het wachten op langlopende wet- en regelgevingstrajecten. Zet daarom in op een parallele aanpak, waarbij de op papier bedachte uitgangspunten op termijn kunnen aansluiten bij de nu benodigde praktijk. Overheden moeten immers nu de transformatie ondergaan: van een reactieve houding naar een proactieve benadering waarin technologieën zoals AI worden ingezet als integraal onderdeel van beleid en uitvoering.
Niet alle crises, ontwikkelingen en uitdagingen zijn voorspelbaar, maar overheden kunnen wél manieren ontwikkelen om vroege signalen te herkennen en hierop voorbereid te zijn. De behoefte aan nieuwe methoden, structuren en capaciteiten voor anticipatie groeit. Het gaat niet alleen om het vastleggen van trends en het formuleren van toekomstvisies, maar ook om het actief beïnvloeden van socio-technische veranderingen en het realiseren van innovaties in het hier en nu. Dit proces noemen we anticiperende innovatie.
Anticiperende innovatie vraagt om een proactieve benadering van onzekerheid. Het gaat niet alleen om het vinden van oplossingen binnen onzekere omstandigheden, maar ook om innovatie te gebruiken als instrument om onbekend terrein te verkennen. Een belangrijk kenmerk van complexe problemen is dat elke oplossing het probleem zelf kan veranderen. Een goed ingericht governance-model rondom anticiperende innovatie helpt om dit proces doelgericht en systematisch te laten verlopen.
Hoe ziet een anticiperende rijksorganisatie er uit?
Een rijksorganisatie die werkt op basis van anticiperende innovatie heeft een aantal belangrijke kenmerken.
Allereerst beschikt zij over een strategische visie en toekomstgericht denken. Dit betekent dat de organisatie actief bezig is met scenario’s en trendanalyses om ontwikkelingen vroegtijdig te signaleren en hierop strategisch te reageren. Daarnaast is de organisatie wendbaar en flexibel, zodat beleid en uitvoering op elkaar zijn afgestemd en snel kunnen worden schakelen bij veranderende omstandigheden.
Een ander belangrijk aspect is dat de organisatie data- en kennisgedreven werkt. Door middel van data-analyse en kunstmatige intelligentie worden trends en patronen herkend, wat bijdraagt aan onderbouwde beleidsvorming. Samenwerking is hierbij onmisbaar; anticiperende innovatie vraagt om nauwe samenwerking met andere overheden, bedrijven, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties om tot een integrale aanpak te komen.
Bovendien stimuleert de organisatie experimenteren en leren. Nieuwe ideeën worden getest via pilots of living labs voordat ze op grote schaal worden geïmplementeerd, waardoor risico’s worden beperkt en beleid continu wordt verbeterd op basis van praktijkervaringen. Ook wordt adaptieve wet- en regelgeving ingezet om innovaties niet te belemmeren, maar juist te faciliteren, bijvoorbeeld door middel van de inzet van sandboxes waarin nieuwe technologieën veilig kunnen worden getest. Voor AI-toepassingen is daar momenteel veel vraag naar.
Ten slotte is een sterke innovatiecultuur essentieel. Medewerkers worden aangemoedigd om creatief en kritisch mee te denken over innovatieve oplossingen. Innovatie wordt niet als een tijdelijk project gezien of onderdeel waarop bezuinigd kan worden, maar als een structureel onderdeel van de organisatie.
Hoe kunnen organisaties zich voorbereiden op deze uitdaging?
Het inrichten van een goed doordacht innovatiemanagementsysteem kan hierbij helpen. Dit begint met drie essentiële stappen:
- Meet de innovatievolwassenheid van de organisatie: Dit geeft inzicht in de mate waarin een organisatie in staat is om systematisch en strategisch te innoveren.
- Bepaal de context waarbinnen geïnnoveerd moet worden: Factoren zoals regelgeving, technologie en maatschappelijke ontwikkelingen spelen hierin een belangrijke rol.
- Formuleer duidelijke en meetbare doelen: Dit zorgt ervoor dat innovatie-inspanningen effectief worden ingezet en bijdragen aan de langetermijnstrategie.
Het nemen van deze voorbereidende stappen kost tijd, maar levert op de lange termijn aanzienlijke voordelen op. Door anticiperende innovatie als strategische noodzaak te beschouwen, kunnen we ons beter positioneren om maatschappelijke uitdagingen effectief aan te pakken en voorbereid de toekomst tegemoet te treden.